BELEVINGSTHEATER DE LACHENDE ZON

07 januari 2010

Uit de AS (Aktiviteiten Sector ) november 2009.

De afgelopen jaren zijn er heel wat theaters ontstaan die zich speciaal richten op mensen met een verstandelijke beperking. Veelal gaat het om zogeheten belevingstheaters met een speciaal aanbod voor mensen met een (zeer) ernstige verstandelijke beperking. Theater De Lachende Zon heeft een bijzonder aanbod voor mensen met een (ernstige) verstandelijke beperking. En hun activiteiten blijven niet beperkt tot theater alleen.

 

John Sijnke

Bij theater denken we in eerste instantie aan een theatergroep op een podium met publiek in een zaal. Bij belevingstheater ziet dat er heel anders uit. Er is vaak helemaal geen sprake van de gebruikelijke basiselementen: podium, theatergroep (op het podium) en publiek (in de zaal).

Andere benadering

Een andere benadering is die waarbij initiatieven tot contact van mensen met een verstandelijke beperking zelf het uitgangspunt zijn. Dat wil zeggen dat zij de aangever zijn en niet de theatermakers. Die kijken vooral naar de contactinitiatieven van cliënten en sluiten daarop aan. Deelnemende begeleiders leren met deze theatervorm ook het nodige: opbouwen van communicatie vanuit de initiatieven die clienten zelf nemen.

Elco van Alphen van Theater de Lachende Zon past beide vormen van theater toe. In de theatershows van De Lachende Zon zie je vooral de eerste vorm terug: een verhaal, een decor en heel veel interactie met het publiek. Elco voert echter ook activiteiten uit binnen bestaande activiteitengroepen, met een groep clienten en hun begeleiders, in hun eigen vertrouwde omgeving. Dat doet hij op basis van een aantal uitgangspunten.

Elco: "In communicatie met cliënten is de begeleider zelf het belangrijkste instrument. Zeker bij mensen met een (zeer) ernstige verstandelijke beperking is lichaamtaal heel belangrijk. Om je eigen lichaam als instrument tot contact te durven gebruiken moet je als begeleider lef hebben en vooral ook vertrouwd raken met je eigen fysieke manier van communiceren. Dat geeft je inzicht in hoe hij of zij ‘overkomt’ en je raakt daardoor ook sneller vertrouwd met een fysieke manier van contact maken door cliënten".

Elco’s benadering is terug te brengen tot drie kernbegrippen:
* Kijken
* Leren
* Communiceren
Door heel zorgvuldig (en vooral objectief) te kijken naar cliënten zie je wat voor bewegingen en geluiden iemand maakt en welk doel hij of zij daarmee nastreeft. Je moet zelf een stap terug te doen, waardoor cliënten meer ruimte krijgen om te bepalen hoe contact of een activiteit verloopt.

Workshops

In samenwerking met Stichting SPOT verzorgd Elco van Alphen op basis van die uitgangspunten workshops voor activiteitenbegeleiders die zich afspelen op de werkvloer. De globale opbouw is als volgt: Elco neemt een dagdeel deel aan de reguliere activiteiten van een dagbestedingsgroep voor mensen met een (zeer) ernstige verstadendelijke beperking. Tijdens dat dagdeel neemt hij een onderdeel van ongeveer een uur voor z’n rekening, waarbij hij allerlei elementen uit zijn theaterervaringen inzet en daar de vaste begeleiders bij betrekt. Aansluitend volgt een reflectiebijeenkomst waarin hij met de activiteitenbegeleiders hun ervaringen en waarnemingen bespreekt en samen met hen zoekt naar mogelijkheden om inzichten om te zetten in concrete activiteiten in het dag of week programma. Dat kan gaan om groepsgerichte activiteiten, maar ook om een heel individuele benadering. Op basis daarvan bereiden de begeleiders een of meer nieuwe activiteiten voor, die daarna in aanwezigheid van Elco samen met clienten worden uitgevoerd. Daarop volgt dan weer een reflectiebijeenkomst waarin concrete afspraken worden gemaakt om de opgedane ervaringen om te zetten in actie, bijvoorbeeld door een nieuw dag/weekprogramma op te bouwen of nieuwe elementen aan het bestaande programma toe te voegen. Op basis van zijn jarenlange ervarimng kan Elco hen daar heel praktische tips bij geven.

Soms leiden die afspraken tot het opzetten van eigen theateractiviteiten. Maar een ander resultaat is ook heel goed mogelijk: meer individueel afgestemde activiteiten en ondersteuning. Door het samen scherp kijken naar de reactie van clienten op de aangeboden activiteiten onstaan er soms heel andere activiteiten, b.v. een aangepast persoonlijk muziekrepertoire of activiteiten die ondersteund worden met beeldmateriaal. Of het uitbreiden van iemands bewegingsvrijheid in de directe omgeving. Door anders te kijken naar gedrag wordt er een andere betekenis aan gegeven en zo ontstaan andere activiteiten of vormen van ondersteuning dan de gebruikelijke.

In de workshops krijgen begeleiders heel praktische handvatten aangeboden. Zowel op individueel vlak als voor groepsactiviteiten, zoals theater. Volgens Elco is het hebben van een verhaal bij heel belangrijk, waneer je iets met theater wilt doen. Je kunt je natuurlijk de vraag stellen of een verhaal en een verhaallijn wel overkomen bij deze doelgroep, mensen met een (zeer) ernstige verstandelijke beperking. Het verhaal als structuur is in dit geval ook niet primair bedoeld voor cliënten. Het is veel meer het kader waar begeleiders structuur aan ontlenen, dat houvast en een rode draad aan activiteiten geeft. Niets wordt zomaar gedaan, elke handeling heeft een doel. Daardoor ontstaat er voor begeleiders logica in het handelingen, een logica die door de cliënt wellicht niet op bewust niveau wordt waargenomen, maar wel degelijk effect heeft: handelingen zijn met elkaar verbonden en worden daardoor niet als losse elementen maar als geheel ervaren. Dat maakt dat de activiteit vanzelfsprekender en dus geloofwaardiger overkomt.

Elco adviseert uit te gaan an een eenvoudige verhaallijn, bijvoorbeeld gekoppeld aan een thema dat in de periode speelt waarin de theateractiviteiten uitgevoerd worden. Het verhaal is te koppelen aan het jaargetijde, belangrijke feestdagen, bijzondere gebeurtenissen (verhuizing, vakantie), en dergelijke. Ga daarbij als volgt te werk:

* Bedenk een eenvoudig verhaal

* Schrijf het verhaal uit (inclusief de verschillende scènes)

* Stel vast op welke wijze de doelgroep het beste bereikt kan worden (in het algemeen, maar bij toepassing in een dagbestedingsprogramma uiteraard specifiek afgestemd op die personen): verbaal, auditief, visueel, tactiel, actief betrokken, passief (ondergaan), etc.

* Bepaal welke elementen er allemaal in het verhaal moeten zitten: geluid, beweging, prikkels, kleuren, afstand, nabijheid, ruimte, geuren, oogcontact, lichaamstaal, (verbale) communicatie, licht, sfeer, ontspanning, evenwicht, ….(deze opsomming is uiteraard nog veel langer te maken, aangevuld met elementen die passen bij de doelgroep).

* Kies dan pas de middelen die nodig zijn om het verhaal uit te beelden en over te brengen.

De aanpak van Elco sluit aan op bepaalde een opvattingen over leren. Leren ondersteunen van mensen met een beperking doe je vooral in de praktijk, in directe interactie met clienten. Daarom zouden leeractiviteiten ook zoveel als mogelijk aan de praktijk gekoppeld moeten zijn. Met praktijkopdrachten, inbrengen van casuistiek en analyseren van videoopnamen wordt de praktijk vaal wel naar de training toegehaald, maar je zou de training ook gewoon naar de praktijk kunnen brengen, zoals in de workshops van Elco gebeurt. In een volgende AS komen activiteitenbegeleiders aan het woord over hun ervaringen met deze manier van leren.

DE LACHENDE ZON

Elco van Alphen en Margot Lotters zijn de centrale figuren binnen Theatergroep De Lachende Zon, die sinds 1993 bestaat. Samen bedenken en spelen zij de voorstellingen. Ze krijgen daarbij hulp van een hele groep mensen die helpen bij decor, muziek, spel, subsidies, e.d.

De Lachende Zon speelt vaak binnen organisaties voor mensen met een beperking, maar verzorgd ook circusprojecten in buurthuizen en neemt regelmatig deel aan theaterfestivals.

Daarnaast verzorgd Elco van Alphen, in samenwerking met Stichting SPOT, regelmatig trainingen en workshops voor activiteitenbegeleiders. Die kunnen gericht zijn op het zelf opzetten van een theater met en/of voor clienten, maar ook op het geven van een nieuwe invulling aan een dagprogramma. Dergelijke trainingen vinden voor een deel op de eigen werkplek plaats, dus samen met de clienten waaraan de deelbemers begeleiding geven. Meer informatie over hun voorstellingen en de workshops vindt je op hun site:

Belevingstheater is gericht op het teweeg brengen van een bijzondere ervaring/beleving bij mensen met een (zeer) ernstige verstandelijke beperking. Geluid, beweging en beeld zijn belangrijke elementen maar meer nog het contact tussen degenen die het theater verzorgen en de mensen die er aan deelnemen. Niet als traditioneel publiek in een zaal, maar als direct berokkenen. Want belevingstheater draait voor een groot deel om interactie. Een belangrijk doel bij dergelijke theateractiviteiten is het bevorderen van de communicatie tussen mensen met een ernstige verstandelijke beperking en hun omgeving. Die communicatie kan op verschillende manieren tot stand worden gebracht. Bij de meer traditionele vorm zijn de spelers de aangevers. Zij nemen het initiatief tot het leggen van contact met cliënten en gebruiken daar allerlei attributen bij, die vooral de zintuigen van de deelnemende cliënten prikkelen. Ze zorgen vooraf voor een geschikte ambiance, een ruimte die aangekleed is met zintuigprikkelende decors en andere hulpmiddelen zoals lichteffecten en aangepaste muziek. De spelers zijn natuurlijk een essentieel onderdeel van het theater, zowel in kleding als gedrag. Ze spelen vaak een rol en dagen met hun uiterlijk en hun gedrag (zingen, dansen, muziek maken, e.d.) cliënten uit om te reageren. www.delachendezon.nl.

TIPS VAN ELCO

Waar moeten begeleiders die theater willen integreren in hun programma nog meer op letten?

Bereid je goed voor en zorg dat je enige kennis hebt van theateractiviteiten met deze doelgroep (b.v. door voortstellingen bij te wonen).

Het helpt natuurlijk enorm wanneer jezelf affiniteit tot theater hebt

Kennis van het ontwikkelingsniveau (ervaringsordening) van de cliënten aan wie de activiteit wordt aangeboden is natuurlijk ook belangrijk

Je moet je als theatermaken zeer bewust zijn van de effecten van je eigen houding en die gericht benutten (mimiek, lichaamshouding, bewegingen, intonatie, e.d.)

Zorg dat je middelen hebt om de activiteiten ten uitvoer te kunnen brengen. Dat hoeft geen duur instrumentarium te zijn; maak gebruik van alles wat voor handen is en dat bruikbaar is om tot interactie met de cliënt te komen.

Het verhaal is ondergeschikt maar helpt je wel om structuur in je activiteit aan te brengen.

Hoe je kijkt bepaalt wat je ziet

Bij dit artikel is gebruik gemaakt van het boek "Hoe je kijkt bepaalt wat je ziet". Daarin beschrijft de auteur van dit artikel samen met verschillende deskundigen uit het werkveld – waaronder Elco van Alphen van Theater De Lachende Zon – diverse invalshoeken om dagbeseding voor mensen met een (zeer) ernstige verstandelijke beperking vorm en inhoud te geven. Het boek is uitgegeven bij Bohn Stafleu van Loghum (ISBN 90 313 4567 9) en verkrijgbaar via de boekhandel en via boekensites als Bol.com

 

 

>> toon alle persberichten
ander beeld